Kosten en opbrengsten

De financiering van een Zon op Erf traject omvat meerdere onderdelen. Een hiervan is de installatie van een PV-installatie. Na installatie levert deze ook geld op. Op deze pagina vind je de belangrijkste aspecten van deze kosten en opbrengsten.

Op deze pagina:

EPC-prijzen en PV-installateurs

Leveranciers en installateurs van zonneweides drukken de EPC-prijs meestal uit in een bedrag per te installeren kW piekvermogen. Dat bedrag omvat de kosten voor aanschaf van de componenten (zonnepanelen, onderconstructie, bekabeling, omvormers en transformator).

EPC-prijzen die aannemers afgeven zijn afhankelijk van invloeden op de wereldmarkt, zoals prijzen en beschikbaarheid van grondstoffen, onderdelen, transport en arbeid. Hierdoor is de EPC-prijs in 2022 toegenomen.

In Nederland zijn talloze leveranciers en installateurs van zonnesystemen in veldopstelling actief. Ook in de Achterhoek kennen we een aantal partijen die ervaring hebben met het ontwerpen en aanleggen van zonneweides. Bij deze partijen kun je offertes aanvragen.

Stroomopbrengsten

Als eigenaar van de zonneweide – en dus van de geproduceerde stroom – bepaal je zelf aan welke partij je de stroom verkoopt. Over de verkoop van de opgewekte stroom worden afspraken gemaakt in de Power Purchase Agreement (PPA), ofwel het stroomafnamecontract. Je kunt verschillende partijen vragen om een voorstel te doen voor de prijs en andere voorwaarden van stroomafname.

  1. PPA
    De stroomprijs is een belangrijk onderdeel in de PPA, deze bepaalt immers voor een groot deel de inkomsten. Over het algemeen wordt uitgegaan van een variabele stroomprijs die meebeweegt met de marktprijs, bijvoorbeeld de prijs per uur op de EPEX (European Power Exchange). Juist omdat zonnestroom alleen overdag en min of meer gelijktijdig wordt geproduceerd en op de markt komt, is de prijs van zonnestroom op die tijdstippen relatief laag. Voor deze onbalanskosten wordt de prijs in de PPA veelal gecorrigeerd met een procentuele afslag op de basisprijs. In de afslag kunnen bijvoorbeeld ook kosten voor programmaverantwoordelijkheid en een marge worden opgenomen.
  2. SDE-subsidieschikking
    Een SDE-subsidiebeschikking biedt de eigenaar de zekerheid dat tijdens de eerste 15 jaar van de exploitatiefase een gegarandeerd projectrendement behaald kan worden. De SDE dicht het gat tussen de marktprijs voor stroom en de kostprijs van stroom uit de zonneweide. Hierbij is de veronderstelling dat de kostprijs hoger ligt dan de marktprijs, wat jarenlang het geval is geweest. Sinds het eind van 2021 zijn de marktprijzen fors gestegen, waardoor de opgewekte stroom tegen een hogere prijs dan de beschikte SDE kan worden verkocht. De verwachting is dat over een aantal jaar geen SDE meer kan worden aangevraagd.
  3. GVO
    Met een Garantie van Oorsprong (GVO) wordt aangetoond dat er duurzame elektriciteit geproduceerd is: 1 GVO vertegenwoordigt 1 MWh. Na ingebruikname van de zonneweide meldt de eigenaar de installatie aan bij VertiCer B.V. zodat daadwerkelijk GVO’s geregistreerd en toegekend worden. Deze GVO’s vertegenwoordigen een waarde in de elektriciteitsmarkt bovenop de ‘normale’ prijs van stroom. GVO’s kunnen los van de stroom worden verhandeld, maar over het algemeen worden daarover afspraken gemaakt in de PPA. Bijvoorbeeld dat de GVO’s geproduceerd in een bepaald jaar voor een bepaalde prijs in euro per MWh worden verkocht.

Referenties

Masselink 1

Leon Masselink - van varkenshouder naar zonneboer

Timmermans 1

Wijnand Timmerman - van rundveehouder naar zonneboer

Maalderink 1

Familie Maalderink - van varkenshouder naar zonneboer

Schut

Patrick Schut – van varkenshouder naar zonneboer